Werknemer verzwijgt oogaandoening tijdens sollicitatie
Een werknemer wordt ontslagen omdat hij tijdens zijn sollicitatie niets heeft gezegd over een ernstige oogaandoening. De aandoening is dermate erg dat de werknemer zijn functie als brugwachter niet langer veilig kan uitvoeren. Had hij dit moeten melden?
Wat was er aan de hand?
De werknemer lijdt aan een glaucoom. Dit is een ernstige oogaandoening waarbij het zicht (zeer) ernstig vermindert. De aandoening verergert met de jaren. Tijdens de laatste afspraak met de oogarts geeft deze aan dat de werknemer praktisch blind is geworden. Hij moet zijn werkzaamheden als brugwachter in Amsterdam daarom stilleggen.
Beroep op dwaling
Naar aanleiding van het gesprek met de oogarts meldt de werknemer bij zijn werkgever dat hij zijn werkzaamheden moet neerleggen. Bij de werkgever schiet dit in het verkeerde keelgat. Hij is namelijk nog niet zo lang in dienst. Waarom heeft de werknemer hier niets over gezegd tijdens zijn sollicitatie? De werkgever voelt zich voor de gek gehouden en beroept zich op dwaling: hij vernietigt de arbeidsovereenkomst.
Hoe zit het wettelijk?Een werkgever zit niet te wachten op een arbeidsongeschikte werknemer, zeker niet wanneer de werknemer nog maar net gestart is. Toch mag een werkgever niet naar gezondheidsgegevens (beperkingen, chronische ziekte of handicap) vragen tijdens een sollicitatie. Andersom wordt van een sollicitant verwacht dat hij in staat is om de functie waarvoor hij solliciteert uit te oefenen. Dit betekent onder andere dat hij zichzelf en anderen niet in gevaar mag brengen tijdens het werk. Weet de sollicitant dat hij niet in staat is om de functie naar behoren uit te oefenen, dan heeft hij een mededelingsplicht: hij moet de werkgever inlichten over zijn medische situatie en mogelijke beperkingen. Wanneer de werknemer dit nalaat, kan hij onder voorwaarden ontslagen worden, maar dit is een hoge toets, zo blijkt ook uit deze uitspraak. |
Wat vindt de rechter?
Voor een geslaagd beroep op dwaling is het van belang dat de werknemer toen hij solliciteerde wist, of behoorde te weten, dat hij niet in staat zou zijn om een functie als brugwachter uit te oefenen. Dit is niet zo. Voordat de werknemer in dienst trad in Amsterdam was hij jarenlang zonder enige problemen brugwachter in Rotterdam. Bovendien blijkt uit de verklaring van een oogarts dat patiënten met een glaucoom niet altijd doorhebben dat hun beperking dermate ernstig is. Kortom, het is daarom niet verwijtbaar dat de werknemer geen melding heeft gedaan van zijn aandoening. De werknemer had niet ontslagen mogen worden.
Let op! De rechter gaat verder niet in op het feit dat het voor de werknemer onveilig was om de functie als brugwachter uit te oefenen, dit hangt namelijk samen met de functieomschrijving van brugwachter.


